'Einde compensatie transitievergoeding opent deur voor slapende dienstverbanden'

Het kabinet heeft aangekondigd dat per 1 januari 2027 de compensatieregelingen voor de transitievergoeding verdwijnen. Werkgevers krijgen dan onder meer geen vergoeding meer voor de transitievergoeding bij ontslag na langdurige arbeidsongeschiktheid. Wat oogt als een begrotingsmaatregel, zal in de praktijk leiden tot de terugkeer van een bekend probleem: het slapende dienstverband.

Oplossing van gisteren wordt probleem van morgen

De compensatieregeling werd in 2020 ingevoerd om dit fenomeen juist tegen te gaan. Werkgevers hielden langdurig zieke werknemers na twee jaar ziekte vaak in dienst om betaling van de transitievergoeding te voorkomen. Deze slapende dienstverbanden bestonden alleen nog op papier, zonder perspectief op beëindiging of een transitievergoeding.

Met de compensatieregeling verdween de financiële prikkel om een dienstverband na twee jaar ziekte in stand te laten. De Hoge Raad oordeelde daarom dat werkgevers in beginsel moesten meewerken aan beëindiging, juist omdat er geen goede reden meer was om dat te weigeren. Valt de compensatie weg, dan keert die prikkel feitelijk terug: werkgevers draaien opnieuw volledig zelf op voor de kosten.

Reëel risico op terugkeer slapende dienstverbanden

De eerste signalen uit de praktijk zijn duidelijk. Werkgevers zullen terughoudender worden met beëindiging van het dienstverband na twee jaar ziekte. Het risico is dat werknemers opnieuw vast komen te zitten in een tussenpositie: op papier in dienst, maar zonder werk, zonder loon en zonder uitzicht op een transitievergoeding.

Wetgever kiest halve oplossing

Het kabinet schrapt de compensatie, maar laat de verplichting tot betaling van de transitievergoeding ongemoeid. Daarmee ontstaat een onevenwichtig systeem: werkgevers dragen een zware financiële last, terwijl zij al twee jaar loon hebben doorbetaald en re-integratie-inspanningen hebben geleverd. Tegelijk is de toegevoegde waarde van de transitievergoeding in deze situatie beperkt, omdat de kansen op werkhervatting vaak klein zijn. Niet voor niets adviseerde de Raad van State om een stap verder te gaan en de transitievergoeding bij langdurige arbeidsongeschiktheid volledig af te schaffen.

Tijd voor een principiële keuze

De huidige koers van het kabinet is halfslachtig en risicovol. Door alleen de compensatie te schrappen, verschuift het probleem terug naar de praktijk. De kans is groot dat slapende dienstverbanden opnieuw ontstaan, precies wat eerder werd bestreden. De oplossing is duidelijk, maar vraagt politieke moed: schaf de transitievergoeding bij langdurige arbeidsongeschiktheid gelijktijdig met de compensatieregeling af. Alleen dan ontstaat een consistent systeem en wordt voorkomen dat werknemers opnieuw in een uitzichtloze positie belanden.