De wasmachine ‘s nachts laten draaien of je auto opladen na 23.00 uur kan consumenten geld besparen. Althans, dat is de algemene boodschap. In de praktijk valt de concrete besparing echter mee voor huishoudens met een vast of variabel contract, zo blijkt uit eigen data van Overstappen.nl. Consumenten met een vast contract die 25% van hun stroomgebruik van de piek- naar de daluren verplaatsen, besparen hooguit € 1,50 per jaar. Ook met een dynamisch contract scheelt het maar € 13 op jaarbasis.
Bij vaste en variabele contracten is het verschil tussen piek- en daltarieven meestal minimaal. Kijken we bijvoorbeeld naar Eneco, dan is het daltarief € 0,22813 en het piektarief € 0,23324. Gebruikt een consument 25% minder stroom tijdens piekuren en 25% meer stroom tijdens daluren, dan levert dat maar € 1,50 besparing op. Zelfs als een huishouden 80% van het stroomverbruik naar de daluren verplaatst, wat praktisch onhaalbaar is, besparen zij hooguit een kleine € 5 per jaar.
“Daar komt bij dat werken met piek- en daltarieven zo langzamerhand achterhaald is”, legt Rick Boenink, energie-expert bij Overstappen.nl, uit. “Voor zonnepaneleneigenaren is het bijvoorbeeld voordeliger om overdag de meeste stroom te gebruiken. Dan wekken de panelen het meeste op. Om diezelfde reden ligt het piektarief bij Greenchoice sinds kort juist lager dan het daltarief. Daarmee wil Greenchoice stimuleren dat mensen vooral stroom gebruiken als er veel zonne-energie wordt opgewekt.”
Ook bij een dynamisch contract loont het nauwelijks om het verbruik af te stemmen op vraag en aanbod van energie. Dit levert hooguit € 13 besparing per jaar op als iemand 25% van het stroomverbruik in de piekuren naar de daluren verplaatst. Boenink: “De goedkoopste kWh stroom is nog steeds de stroom die je niet verbruikt. Als mensen echt willen besparen, helpt het vooral om minder stroom te verbruiken.”
Ondanks dat meer stroom in de daluren gebruiken bij een vast of variabel contract nauwelijks een kostenbesparing oplevert, is het wel heel belangrijk om hierop te letten. Daarmee gaan we, zoals de overheid in haar recente campagne benadrukt, samen een stroompiek tegen. “Netcongestie, oftewel een overbelast stroomnetwerk, is een groot probleem dat we samen moeten tegengaan”, vindt Boenink. “Het helpt bijvoorbeeld om een elektrische auto pas na 21.00 uur op te laden. Ook wasmachines, drogers en vaatwassers kun je inplannen om bijvoorbeeld ‘s nachts pas aan te gaan of om juist overdag, als de zonnepanelen veel opwekken, te draaien.”
Vanaf 2028 wordt het waarschijnlijk ook kostentechnisch aantrekkelijker om minder stroom te gebruiken op piekmomenten. De Autoriteit Consument & Markt heeft aangekondigd dat ze de netbeheerkosten gaan baseren op het moment van de dag waarop je stroom verbruikt. Naar verwachting ga je dan tussen 7.00 uur en 9.00 uur ‘s ochtends en tussen 16.00 uur en 21.00 uur ‘s avonds meer netbeheerkosten betalen.
Met deze stap wil de overheid overbelasting voor het stroomnet voorkomen. Om diezelfde reden voert de overheid nu een campagne om consumenten minder stroom te laten gebruiken tussen 16.00 en 21.00 uur.