Nederland heeft nog tot eind augustus van dit jaar om de beloofde hervormingen door te voeren, om het totaal toegezegde bedrag uit het Coronaherstelfonds te ontvangen. Het gaat onder andere om de stimulering van woningbouw, maatregelen om congestie van het elektriciteitsnet tegen te gaan en verdere voortgang in de overstap naar het nieuwe toekomstbestendige pensioenstelsel. De maatregelen zijn enkele jaren geleden in overleg met Nederland vastgesteld in een nationaal plan.
Op 20 maart heeft de Europese Commissie € 551 miljoen overgemaakt aan Nederland. Daarmee is nu ruim de helft van de gereserveerde € 5.4 miljard uitgekeerd. Het fonds werd opgericht tijdens de coronapandemie om de economieën van EU-lidstaten er weer boven op te helpen. Landen ontvangen geld uit het fonds zodra zij voortgang hebben gemaakt bij vooraf afgesproken hervormingen en investeringen die hun economie versterken en concurrerender maken.
Naast het voor Nederland gereserveerde bedrag, profiteert het ook bovengemiddeld van de uitbetalingen in andere landen, het zogenoemde spill-over effect. Een eerdere studie wees uit dat bedrijven zoals Arcadis , Philips en Randstad veel opdrachten ontvangen in landen als Spanje en Duitsland. Dit levert de Nederlandse economie naar schatting 8,8 miljard euro op, bijna dubbel het bedrag dat Nederland direct uit het fonds krijgt.
Het koppelen van EU-fondsen aan voortgang bij structurele hervormingen van lidstaten wordt mogelijk in de toekomst vaker toegepast. De Europese Commissie heeft voorgesteld om veel Europese subsidies voor de periode 2028-2034 op deze manier te besteden. Lidstaten moeten dan zogenoemde Nationale en Regionale Partnerschapsplannen opstellen. Nederland kan daar als open economie met sterke banden met EU-handelspartners opnieuw van profiteren.