Bedrijven betalen recordrentes terwijl schulden wereldwijd blijven stijgen

Bedrijven betaalden een recordbedrag van $ 458 miljard aan rente in 2023/24, een stijging van 24,4% j-o-j; Japanse bedrijven zagen de rentelasten het snelst stijgen

Londen, 1 juli 2024 - Volgens de nieuwste jaarlijkse Global Corporate Debt Index van Janus Henderson begon de hogere rente in 2023/24 echt door te werken. In 2023/24 steeg het bedrag dat 's werelds grootste beursgenoteerde bedrijven uitgaven aan rentebetalingen met een kwart (+24,4% bij constante wisselkoersen), waarbij ze banken en obligatiehouders een recordbedrag van $ 458 miljard betaalden, een stijging van $ 89 miljard op jaarbasis. De rentekosten staan op recordniveaus in elk land in de index en in elke bedrijfssector(1).

Snelste stijging in Japan

De snelste stijging van de rentelasten deed zich voor in Japan, waar rentestijgingen vanaf een niveau van bijna-nul de kosten met twee vijfde j-o-j hebben opgedreven (+39%); de kosten zijn nu meer dan het dubbele van het totaal voor 2020/21. De schuldniveaus in Japan zijn echter relatief laag in vergelijking met de omvang van de economie, de balansen van bedrijven zijn niet sterk met schuld gefinancierd en de renteniveaus blijven erg laag.

Opnieuw stijging in Europa

De rentekosten voor het Europese bedrijfsleven zijn in 2023/24 met 28% gestegen op basis van constante wisselkoersen. Dit is het tweede opeenvolgende jaar van snelle stijgingen, ondanks dat de schuldenniveaus de afgelopen vijf jaar ongeveer gelijk zijn gebleven. Bedrijven in Europa betalen nu een rentelast die 54% groter is dan in 2020/21. Het heeft veel langer geduurd voordat Amerikaanse bedrijven de effecten van hogere rentetarieven voelden, vanwege meer langetermijnfinanciering via de obligatiemarkt. Na in 2022/23 bijna ongeschonden te zijn gebleven, sprong hun collectieve rentelast met meer dan een vijfde (+23%) in 2023/24 doordat obligaties gestaag werden geherfinancierd tegen hogere rente.

AB InBev in België

Er zijn relatief weinig bedrijven in onze Belgische index, dus de grootste, AB InBev, heeft de neiging om te domineren. Het heeft een zeer sterke kasstroom en heeft de afgelopen acht jaar gestaag schulden afbetaald na een periode van consolidatie in de sector. Het afgelopen jaar heeft die trend zich voortgezet. Samen met twee kleinere Belgische bedrijven daalde de nettoschuld met 4,1%, terwijl de rentelasten met 4,7% stegen.

Winstmarges houden recordlasten betaalbaar

Hogere rentekosten slokten een achtste (12,4%) op van de operationele winsten in 2023/24. Dat is aanzienlijk meer dan in 2022/23, toen een negende deel van de winsten opging aan rentelasten. Ondanks de stijging zijn ze echter slechts teruggekeerd naar een niveau dat consistent is met het langetermijngemiddelde. Ze zullen waarschijnlijk een grotere hap uit de winst nemen in het komende jaar.

Groei leningen sterk vertraagd

De grootste beursgenoteerde bedrijven ter wereld namen in 2023/24 netto $ 378 miljard(2) aan nieuwe leningen op, waardoor het totaal met 4,9% steeg bij constante wisselkoersen tot een recordbedrag van $ 8,18 biljoen. Deze toename was echter beduidend lager dan in 2022/23(3) en ook veel lager dan in 2018 en 2019 (in 2020 en 2021 werden de leenpatronen verstoord door de pandemie). De hogere rente heeft duidelijk een rol gespeeld in de matiging van de leenbereidheid in het afgelopen jaar.

Overnames

Overnames waren de belangrijkste drijvende kracht achter de stijging van de nettoleningen van bedrijven. Grote deals in de gezondheidszorg alleen al waren goed voor bijna een derde van de stijging, waaronder de aankoop van Seagen door Pfizer. Voor alle sectoren schat Janus Henderson dat bedrijfsovernames na aftrek van bedrijfsafstotingen goed zijn voor ongeveer de helft van de stijging van de wereldwijde nettoleningen in 2023/24.

Nog eens een kwart van de stijging is afkomstig van autofabrikanten. Zij hebben geprofiteerd van stijgende verkopen, met een winststijging van meer dan een kwart op jaarbasis. Dit heeft hun behoefte aan werkkapitaal aanzienlijk vergroot, vooral met betrekking tot financiering aan klanten. Hierdoor heroverde Volkswagen dit jaar zijn positie als de onderneming met de hoogste schuldenlast wereldwijd.

Sommige bedrijven uit verschillende sectoren, zoals Chevron, Engie, Equinor, BHP en RTX, hadden onvoldoende cashflow om beloofde dividenden en inkoop van eigen aandelen te betalen en leenden daarom het verschil.

Magnificent Seven

Ondertussen zorgden de enorm sterke cashflow van de grote zeven Amerikaanse technologiebedrijven ervoor dat hun gezamenlijke cash saldo in de loop van het jaar met $ 52 miljard groeide, ondanks het feit dat ze samen maar liefst $ 210 miljard uitgaven aan dividenden en inkoop van eigen aandelen(4). Google bleef het bedrijf met de meeste cash ter wereld.

Iets meer dan de helft van de bedrijven in de index (53%) verhoogde het bedrag dat ze verschuldigd waren in 2023/24, een daling ten opzichte van 57% het jaar daarvoor, omdat hogere renteniveaus meer van deze bedrijven ervan weerhielden om extra te lenen.

Vooruitzichten

Janus Henderson verwacht dat het leenniveau in 2024/25 blijft stijgen, maar in een nog lager tempo, met een stijging van 2,5% tot een recordbedrag van $ 8,38 biljoen. De rentekosten zullen blijven stijgen, zelfs als centrale banken de rente verlagen omdat goedkopere oudere schulden worden geherfinancierd tegen nieuwe hogere tarieven.

Tim Winstone, portefeuillebeheerder van het Corporate Credit Team: "De scherpe stijging van het bedrag dat bedrijven het afgelopen jaar aan rente hebben uitgegeven, markeert een keerpunt in de bedrijfsfinanciën. De trend is overal zichtbaar, maar het is belangrijk om te onthouden dat de rentekosten vanuit een historisch lage basis komen, dus dit is een proces van normalisatie. Maar zelfs als de beleidsrente van de centrale bank dit jaar begint te dalen, verwachten we dat de rentelasten voorlopig blijven stijgen omdat oude schulden blijven aflopen en herfinanciering tegen hogere rente plaatsvindt. Over het algemeen absorberen bedrijven deze hogere rentekosten met weinig moeite, hoewel de impact groter is voor kleinere bedrijven die vaak aan de rand van herfinanciering staan, dan voor grotere bedrijven die doorgaans een reeks looptijden voor hun schulden hebben en dus een meer geleidelijke verschuiving naar hogere renterekeningen zien.

"Wij hebben het gevoel dat op de obligatiemarkten de spreads te ver zijn afgenomen voor risicovollere leners, voor lange looptijden en voor bedrijfsobligaties in Amerikaanse dollars in het bijzonder. Wij richten ons liever op investment grade bedrijven, vooral in regio's zoals Europa waar de spreads aantrekkelijker zijn. We geven momenteel ook de voorkeur aan niet-cyclische sectoren, omdat bedrijven in sterk cyclische sectoren, zoals de mijnbouw, profiteren van onverdedigbaar smalle spreads gezien het hogere risico voor hun winst. "Wij zijn optimistisch voor het komende jaar. De economieën hebben de hogere rente goed doorstaan en lijken relatief zacht te landen. Als de rentecyclus uiteindelijk daalt, zullen obligaties het goed doen als de yields dalen, wat het kapitaalrendement voor beleggers zal verhogen."