Venezuela wordt geconfronteerd met grote economische problemen, die steeds meer een politieke omvang beginnen te krijgen. Dat heeft het magazine The Economist gemeld. Door de problemen zijn in de Venezolaanse winkels nog slechts beperkte voorraden beschikbaar, waardoor een groot gedeelte van de bevolking in lange wachtrijen moet aanschuiven in de hoop alsnog enige levensmiddelen te kunnen vinden en steeds meer begint te morren.
De situatie wordt volgens The Economist steeds bedreigender voor het regime van president Nicolas Maduro, die twee jaar geleden de overleden Venezolaanse leider Hugo Chavez opvolgde.
De Venezolaanse regering heeft de controle over de productie, import en distributie van voeding naar zich toegetrokken. Daarmee wou Hugo Chavez beletten dat tegenstanders van de regering de toegang tot voedingsproducten in het gedrang zouden kunnen brengen, zoals het begin van deze eeuw het geval was.
“In werkelijkheid heeft het rigide beleid van de Venezolaanse regering ervoor gezorgd dat de bevolking onvoldoende voeding heeft,” aldus The Economist. “De tekorten ondermijnen echter de steun voor het socialistische experiment van het autocratische Venezolaanse regime. Dat is vooral het geval bij de armen, die de grootste voordelen van het socialisme zouden moeten plukken.”
“Er zijn drastische maatregelen genomen,” aldus nog het magazine. “Supermarkten hebben klanten verboden foto’s te nemen van de lege rekken, terwijl journalisten werden gearresteerd omdat ze met hun verslaggeving over de voedseltekorten de openbare orde in het gedrang zouden brengen."
"In staatswinkels kunnen klanten, op basis van het laatste cijfer op hun identiteitskaart, nog slechts één dag per week winkelen. De overheid blijft erbij het slachtoffer te zijn van een economische oorlogsvoering van de oppositie. Economen zeggen echter dat de problemen te wijten zijn aan de prijscontrole die door de overheid is geïntroduceerd, samen met de nationalisering van de landbouw en de voedselverwerking.”
“De dalende olieprijzen, nagenoeg het enige Venezolaanse exportproduct, zorgen ervoor dat het land zich niet langer met buitenlandse handel uit de problemen kan werken,” zegt The Economist. “Het voorbije jaar haalde Venezuela nog 65 miljard dollar uit zijn buitenlandse handel, maar dat cijfer zou dit jaar met 35 miljard dollar inkrimpen."
De Venezolaanse regering wordt door meer dan 80 procent van de bevolking verantwoordelijk geacht voor de problemen. Daardoor ruikt de oppositie een nieuwe opportuniteit. Er wordt nu immers ook bij de armste bevolkingsgroepen, waar de regering traditioneel zijn steun haalde, een toenemende verontwaardiging geregistreerd.
“De verdeeldheid van de oppositie was één van de grote redenen waarom het socialistische regime al sinds het einde van de jaren negentig in Venezuela aan de macht is kunnen blijven,” stipt het magazine nog aan. “De groeiende eenheid binnen die oppositie kan dan ook een zware bedreiging vormen voor de regering, die dit jaar voor algemene verkiezingen staat.”
President Maduro heeft echter nog verdere maatregelen aangekondigd, met een ultimatum aan de voedseldistributie om het probleem op te lossen. Ook heeft hij nieuwe economische maatregelen beloofd om de crisis aan te pakken, zonder echter concrete details bekend te maken.
Maduro heeft tijdens een reis langs China, Rusland en het Midden-Oosten nog steun gezocht, onder meer om de olieprijzen te verhogen en geld te kunnen lenen, maar die inspanningen hebben volgens The Economist weinig of niets opgeleverd.
Ook de katholieke bisschoppen, die zich altijd al kritisch hebben opgesteld tegenover het regime, hebben in een pastorale brief verkondigd dat de crisis het werk is geweest van het totalitaire en centralistische systeem.
Bron: Express.be