De volatiliteit in het valutaland is weer hard toegenomen. Vanaf begin 2008 zijn de 4 grootste wereldmunten (de Amerikaanse Dollar, de Euro , het Britse Pond en de Japanse Yen) hard op en neer aan het gaan.
Opvallend is de recente opmars van de Japanse Yen die in korte tijd met bijna 20% steeg. De Amerikaanse dollar is nog steeds verliezende ondanks dat de wereldmunt in 2008 aan een fors herstel is begonnen.
Ook het Britse Pond, de blauwe lijn, is hard verliezende vanaf midden 2007. Het Pond noteert nu op bijna 75% van haar waarde die het in 1999 had.
De Euro is al tijden zeer sterk. Deze munt had haar dieptepunt eind 2000. Destijds noteerde de Euro toen op 85% van haar introductiewaarde. De munt is vanaf die low in stabiele tred steeds meer waard geworden. Tussen 2003 en midden 2006 steeg de Euro in een lichte mate maar vanaf begin 2007 werd de rit naar boven weer versneld. Dit vooral ten koste van de waarde van de Dollar.