Ontwikkelingslanden worden hard getroffen door de mondiale crisis. En hoewel veel ontwikkelingslanden al eerder geraakt werden door vorige crises, was het niet eerder op een dergelijke schaal.
Immers, niet alleen is de omvang van de huidige bankencrisis veel groter als gevolg van de globalisering, de crisis komt bovenop twee langer slepende crises: de klimaatcrisis en de voedselcrisis. Wrang is echter dat de bankencrisis zijn oorzaak heeft in het westen en dat de ontwikkelingslanden nauwelijks tot geen last hebben van de `primaire fall-out`. Daarentegen drogen kapitaalstromen op omdat investeerders in het westen de hand op de knip houden , waardoor ook de investeringen naar ontwikkelingslanden opdrogen. Zo voorspelt de Global Association of Financial Institutions, een mondiale club van 375 banken en financiële instellingen, dat voor 2009 banken ruim 60 miljard dollar zullen repatriëren, terwijl zij in 2007 nog 410 miljard dollar uitleenden aan ontwikkelingslanden.
Ook de stroom van remittances, geld dat wordt overgemaakt door in het buitenland werkende familie, wordt steeds kleiner nu de werkloosheid in westerse landen stijgt. Ten slotte zijn veel ontwikkelingslanden afhankelijk van de export van grondstoffen. Waar op dit moment zeer weinig vraag naar is.