Conjuncturele werkloosheid slaat in Vlaanderen om in structurele werkloosheid
De conjuncturele werkloosheid in Vlaanderen maakt plaats voor een groeiend leger structureel werklozen. Komend jaar dreigt een zwart jaar te worden voor België. Momenteel wordt de werkloosheid enigszins in toom gehouden door instrumenten als tijdskrediet, tijdelijke werkloosheid, arbeidsduurverkorting en uitzendwerk.
Zodra deze maatregelen zijn uitgeput, zullen massale ontslagen volgen. Het Planbureau, de Nationale Bank en de Hoge Raad voor de Werkgelegenheid stellen dat er tussen eind 2008 en eind 2010 140.000 banen verloren gaan. De beroepsbevolking neemt in die periode toe met 33.000 man. Hoe langer de werklozen verstoken blijven van een baan, hoe lastiger het voor hen wordt om weer te integreren in het arbeidscircuit. In Brussel is de werkloosheidsgraad 16%, in Wallonië 10,1% en in Vlaanderen 4%. Van de Vlaamse werklozen zit een derde minstens één jaar zonder werk. In Wallonie en Brussel is dat bij de helft het geval.
In de komende maanden zullen meer werklozen de grens van één jaar werkloosheid overschrijden. De Belgische arbeidsmarkt kampt met een gebrek aan mobiliteit. Belgen tonen terughoudendheid om carrières een andere wending te geven. Ze moeten meer bereid zijn om een andere functie, werkgever of werkplaats te accepteren.