Met de aankondiging van ING dat het zich zal opsplitsen in een bank en een verzekeraar, komt er in Nederland een einde aan grote financiële conglomeraten.
Voor Nederlanders leek het tot voor kort een normaal gegeven: een bankloket voor alle financiële producten. Bij je bank – die je minder snel wisselt dan partner – heb je een rekening, verzekeringen, een hypotheek een effectenrekening, beleggingsfondsen en eventueel een telefoon. Je wist niet beter.
De grote financiële conglomeraten zijn in Nederland in de jaren negentig gevormd. In 1991 fuseerde Nationale Nederlanden met de NMB Postbank tot de
ING Groep . Die fusie zal nu weer ongedaan worden gemaakt.
Ageas ging ING al eerder voor in het uiteenvallen van een conglomeraat. De
Ageas Groep was eveneens in de jaren negentig ontstaan als fusie van verzekeraar Amev met de VSB en later kwamen daar het Belgische AG bij om helemaal gecomplementeerd te worden met de overname van de Generale Bank.
ABN Amro leek een “pure” bank, maar lezers van De Prooi van Jeroen Smit weten dat deze bank ook een combinatie is van diverse activiteiten waarbij de cultuur van de retail bank haaks stond op die van de bonusgeoriënteerde investment bank. Daarnaast heeft ABN Amro een vrijage met
Delta Lloyd door gezamenlijk verzekeringen te verkopen. Een fusie tussen
Delta Lloyd en ABN Amro is vaak geopperd, maar is nu volledig van de baan.
En dan hebben we natuurlijk nog SNS Reaal. Een echte bank-verzekeraar, maar van minder grote omvang. En tenslotte de Rabobank die een fors aandeel heeft in verzekeraar Eureko en daarmee het dichtst bij het idee van een grote brede financiële dienstverlener in de buurt komt. De AAA-status van de bank staat te grote avonturen en een volledige fusie met Eureko echter in de weg.
De tijd van de grote brede financiële instellingen is voorbij. Het verhaal dat schaalgrootte en een gespreid productaanbod louter voordelen heeft, wordt niet meer gepikt. Niet meer door beleggers die een bedrijf met activiteiten op zeer uiteenlopende markten niet kunnen doorgronden. Niet meer door autoriteiten die de machtsconcentraties, het systeemrisico en de staatssteun aan het bankwezen te hoog vinden worden. En ook niet door consumenten die niet begrijpen dat een advies altijd uitloopt op hetzelfde merk.
Voor de belegger in ING aandelen is de uitgifte van ruim 7 miljard euro aan nieuwe aandelen ING geen goed nieuws, het aandeel stond na het aankondigen 8% lager. Misschien dat een succesvolle verkoop of beursintroductie van de verzekeraar wat kan opleveren in een aantrekkelijker geworden beursklimaat, maar dat is nu nog koffiedik kijken.
Qua beleggingsfondsen en vermogensbeheer weten slimme beleggers al langer dat beleggingsfondsen van toegewijde vermogensbeheerders niet slechter zijn dan de producten die grote bankconglomeraten voortbrengen. Inmiddels zijn er in Nederland en elders niet veel vermogensbeheerders over die rechtstreeks of indirect gekoppeld zijn aan een bank.
Een vermogensbeheerder die is gekoppeld aan een bank én eigen verzekeringsgeld moet beheren én die mee wil spelen op de institutionele én particuliere vermogensbeheermarkt én het eigen distributiekanaal moet plezieren, heeft het per definitie moeilijk om de diverse klantengroepen tevreden te stellen. Voor fondsbeleggers bij ING Investment Management houden wij de situatie bij ING natuurlijk nauwlettend in de gaten en indien nodig zullen wij onze kwalitatieve analyses aanpassen. Vooralsnog blijft ons eindoordeel voor hun fondsen ongewijzigd.
Freddy van Mulligen is hoofd research van Morningstar Nederland. Hij waardeert uw commentaar, maar kan geen specifieke adviezen over fondsen of portefeuilles geven. Auteurs kunt u bereiken via de Analisten feedback.