Op verjaardagen en borrels komt u ze vast wel eens tegen: mensen die het systeem van de vrije markt vervloeken, ondernemers als criminelen beschouwen en niets moeten hebben van naar winst strevende bedrijven. Een dergelijke kijk op de zaak is eigenlijk moeilijk te bevatten. Helemaal wanneer u alle vooruitgang in ogenschouw neemt die juist het systeem van de vrije markt ons gedurende de afgelopen eeuw reeds gebracht heeft...
De vrije markt: een simpele uitleg
In een vrije markt streven bedrijven er simpelweg naar om zo goed mogelijk, en tegen een zo scherp mogelijke prijs, in bepaalde behoeftes te voorzien. Continu overwegen zij allerlei mogelijkheden om de kwaliteit van hun producten te verhogen, het kostenniveau te verlagen of innovaties anderszins door te voeren om steeds beter aan de altijd veranderende marktvraag te voldoen.
Denkt u bij dit innoveren niet enkel en alleen aan de nieuwste technische snufjes. Of aan vernuftige, wiskundig geoptimaliseerde distributiesystemen. Maar bijvoorbeeld ook aan die bedrijven die zich jarenlang bezighouden met kostbaar onderzoek naar behandelmethodes voor ernstige ziektes. Worden deze eenmaal gevonden dan profiteert de samenleving als geheel.
Enkel wanneer bedrijven er op relatief efficiënte wijze in slagen in specifieke marktbehoeftes te voorzien maken zij winst. Wanneer een bedrijf veel winst maakt betekent dit dan ook dat deze er goed in slaagt om in bepaalde behoeftes van anderen te voorzien. Maar veel winst betekent automatisch ook dat vele andere bedrijven zullen gaan proberen om nóg beter in de consumentenbehoeften te voorzien. Immers, enkel hierdoor is het mogelijk dat zij ook winst zullen realiseren.
Dit proces van continue verbetering, het zo goed mogelijk en tegen een zo scherp mogelijke prijs voldoen aan behoeftes in de samenleving, vormt de essentie van de vrije markt. En juist als consument zijn we daar uiteindelijk zeer bij gebaat.
Maar de overheid dan?
Een veelgehoorde bewering is dat de overheid efficiënter zou kunnen opereren dan bedrijven. Immers, zo is vaak de gedachte, de overheid streeft zelf niet naar winst. Toch is het niet zo dat het niet naar winst streven automatisch betekent dat efficiënter kan worden geproduceerd.
Bij overheden lopen gelden niet via een systeem van winst en verlies en van voortdurende concurrentie onder druk van de vrije markt is meestal ook geen sprake. Dit maakt overheden vaak juist minder efficiënt dan gewone bedrijven die, wanneer ze onvoldoende efficiënt zijn, vanzelf ophouden te bestaan. De concurrentie verslaat ze dan immers. Met andere woorden, onder bedrijven is altijd een vorm van prestatiedruk.
Dat juist het systeem van de vrije markt op termijn zo goed werkt is desalniettemin iets wat niet iedereen inziet (of wil inzien). Iemand als Winston Churchill, Engels staatsman ten tijde van de Tweede Wereldoorlog, behoorde wel tot degenen die de zegeningen van de vrije markt en haar naar winst strevende ondernemers maar al te goed doorzagen:
"Sommigen beschouwen de ondernemer als een boze wolf die zo vlug mogelijk gedood moet worden. De meesten beschouwen bedrijven als koeien die voortdurend gemolken moeten worden. Slechts enkelen echter beschouwen ondernemers als wat ze echt zijn: de paarden die de kar moeten trekken."
Immers, uiteindelijk alleen dankzij het bestaan van ondernemers krijgen mensen in loondienst elke maand netjes hun salaris uitbetaald en komt er structureel belastinggeld bij de overheid binnen.
Gerechtvaardigd optimisme?
Evenals Winston Churchill doorziet investeerder
Warren Buffett de zegeningen van de vrije markt. En juist zijn geloof in de vrije markt vormt de achterliggende reden van het feit dat 's werelds beste belegger zo opmerkelijk optimistisch is wanneer het de wat langere termijn betreft. In Buffett's woorden: "Capitalism works because it unleashes the human potential."
We kunnen stellen dat de vrije markt - alhoewel zeker niet perfect - meer welvaart en vooruitgang gebracht heeft dan welk ander systeem dan ook. De afgelopen eeuw kende dodelijke virusuitbraken, wereldoorlogen, vele recessies en een zware depressie. Maar desondanks steeg de
Dow Jones van 66 tot 11.400 punten en verzevenvoudigde onze welvaart. Mensen die rond 1900 leefden zouden versteld staan van de enorme vooruitgang die de afgelopen eeuw geboekt is.
Ook de komende honderd jaar zullen we wederom slechte jaren kennen. Maar desondanks zal de algehele vooruitgang, als direct gevolg van het systeem van de vrije markt, continu en onvermijdelijk doorgaan. Het voor velen onbevattelijke optimisme van
Warren Buffett aangaande de wat langere termijn lijkt daarmee niet meer dan terecht. Zo bezien is het jammer dat in ons land de zegeningen van de vrije mark soms wel eens vergeten lijken te worden.
Met vriendelijke groet,
Hendrik Oude Nijhuis
http://www.warrenbuffett.nl