Na de eerste industriële revolutie, met de komst van de stoommachine, kwam de tweede industriële revolutie in de vorm van de computer. Hierdoor is de gehele wereldhandel veranderd. De analisten van ING zien mogelijkheden voor een derde industriële revolutie, voornamelijk voor de Fast Moving Consumer Goods (FMCG) sector. Dit zou de revolutie van de duurzaamheid zijn, aldus de analisten tijdens een conferentie in Amsterdam.
Door onze redactie
Duurzame markt
De wereldpopulatie groeit en hierdoor zal de vraag naar producten uiteraard ook stijgen. De bedrijven willen dan ook het aanbod zo snel en goedkoop mogelijk aanvullen. Echter zien we, vooral in de Westerse markten, dat de vraag naar duurzame producten groter wordt, waardoor er een gehele nieuwe markt ontstaat: de sustainable markt (duurzame markt). Een sustainable markt is een markt waarin de economische, sociale en klimatologische vraag en aanbod elkaar tegemoet komen, maar dat het niet ten koste gaat van de vraag voor toekomstige generaties. Uiteindelijk zal deze nieuwe markt de ideale markt vormen voor zowel consumenten als bedrijven. De derde industriële revolutie.
Ondernemingen zullen er dan ook alles aan moeten doen om nieuwe producten te creëren die organisch, duurzaam en groen zijn en dat de bedrijven zelf efficiënter en groener te werk moeten gaan. Wie dit niet doet, zal volgens de analisten van ING veel mogelijkheden verloren zien gaan.
CSM
Volgens Gerard Hoetmer, CEO van CSM, zal een niet-duurzaam bedrijf het in de toekomst niet redden. Het bedrijf ziet in deze markt volop mogelijkheden en potenties en de bedrijven die actief hierin opereren, zullen hier dan ook veel uit kunnen halen. De leverancier van bakkerijproducten en bakkerijingrediënten zal in Thailand bezig zijn met Purac, een melkzuur voor afbreekbaar plastic. En uiteindelijk wil het concern door middel van afval, nieuw en afbreekbaar plastic maken. Deze zogeheten bioplastics zijn voor de chemische industrie veilig en herbruikbaar. Uiteindelijk streeft het bedrijf er naar om plastic en andere chemische producten niet meer uit voedsel te halen, zoals suiker en bijvoorbeeld maïs. Dit zou door de consumenten goed ontvangen kunnen worden omdat het daadwerkelijk een ‘groen’ product is. En niet alleen consumenten, maar retailers zullen op hun beurt ook meer naar deze groene producten vragen.
Nutreco
Fabrikant diervoeding (veevoer en visvoer) en vlees Nutreco probeert de inputratio te verlagen waardoor er minder kilovoer nodig is om meer kilovlees te produceren. Het concern krijgt namelijk te maken met het debacle dat er op de wereld bijna 1 miljard mensen zijn die ondervoed zijn. Het is Nutreco tot nu toe onder andere gelukt om de input van visvoer voor zalm per kilo te verlagen en het bedrijft streeft er naar om dit verder te verlagen. Voor 2010 wil het concern nieuwe duurzame producten op de markt brengen die meer waarde toe zullen voegen op de producten waardoor de marges op de producten verhoogd kunnen worden.
AkzoNobel
André Veneman, directeur sustainability, zegt dat ondernemingen over het algemeen slimmer moeten innoveren, met nieuwe producten komen en hierdoor een competitieve voordelen uit moeten halen. Door middel van technologische innovatie zullen de eindgebruikers, de consumenten, het verschil merken in hun portemonnee. Daarnaast laat Veneman weten dat
AkzoNobel momenteel bezig is met het creëren van producten waarmee sommige sectoren efficiënter te werk kunnen gaan, en hierdoor kosten kunnen besparen.
AkzoNobel zal in de toekomst de markten proberen te verslaan en de
EBITDA marge naar meer dan 14% brengen in 2011. Gepaard met het feit dat
AkzoNobel één van de grootste bedrijven is in duurzaamheid zal het concern meer waarde kunnen creëren en duurzamer te werk kunnen gaan.
Heineken
Europa’s grootste bierbrouwer
Heineken laat weten dat er in verschillende regio’s een schaarste aan water dreigt te ontstaan. Volgens
Heineken ’s eigen cijfers zal dit merkbaar zijn in 2025 en is het concern momenteel bezig om efficiënter om te gaan met water. De bierbrouwer heeft onlangs nog de water/bier ratio kunnen verlagen van ongeveer 5 hectoliter water tot 4,7 hectoliter water per 1 hectoliter bier. De onderneming probeert dit nog verder te verlagen naar 4,3 hectoliter water in de periode van 2010 tot 2012. Echter zal
Heineken voorlopig de bierflesjes niet bestempelen met een keurmerk, hoewel het bedrijf laat weten ‘de groenste bierproducent ter wereld’ te willen worden. Volgens Mark E. van Rijn, manager Company & Society, heeft dit namelijk geen toegevoegde waarde tot de verkoop van het bier.
Unilever
De multinational op voedingsmiddelen, persoonlijke verzorging en schoonmaakartikelen
Unilever heeft een hele andere kijk op duurzaamheid. Het probleem ligt volgens Gavin Neath, senior vice president Communications & Sustainability, aan de consumenten zelf. Bedrijven zullen de consumenten moeten aansturen tot aankoop van duurzame producten, in plaats van naar de vraag van de consumenten toe te werken. De consumenten zeggen namelijk het één en doen het ander. Na eigen onderzoek is de conclusie getrokken dat de vraag naar duurzame producten groter is in landen waar klimatologische veranderingen direct waarneembaar zijn. Werelddelen zoals Zuid-Amerika en Azië maken zich meer zorgen over het broeikaseffect dan de westerse werelddelen. Over het algemeen maken de consumenten zich meer zorgen wanneer zulke klimatologische, economische of sociale veranderingen direct waarneembaar zijn in hun omgeving of een directe link heeft met de gezondheid van familie en vrienden.
Daarnaast willen of kunnen zo’n 48% van de consumenten de premium prijs van duurzame producten niet betalen en ontstaat er nog veel verwarring bij de consumenten als het gaat om het onderwerp duurzaamheid. Ook hebben consumenten nog het gevoel dat één individueel geen invloed uitoefent op de veranderingen van het klimaat door duurzame producten te kopen.
Volgens het bedrijf zal er een ‘sweetspot’ gevonden moeten worden, waar de consument inziet wat het voordeel is voor zowel de consument als voor het milieu. De bedrijven zullen dit moeten proberen aan te sturen, in plaats van op de vraag te reageren van de consumenten. Daarnaast zou het van de overheid moeten komen dat het sociaal gezien ook onacceptabel zal gaan worden om geen duurzame producten aan te schaffen. Als voorbeeld noemt het bedrijf hiervoor ‘drinking and driving’.