In het recessie-alfabet dat een jaar geleden zowat elke dag werd opgezegd, stond één letter die economen pas echt schrik aanjoeg: de 'W' van W-vormige recessie, ook wel eens de ‘double-dipper' genaamd. De angst voor een double-dipper ebde weg eens de economieën zich begonnen te stabiliseren en de financiële markten zich leken te herpakken. Doch de recente problemen in Europa zetten de markten opnieuw in rep en roer en de aandelen hebben deze maand al gemiddeld 10% tot 20% van hun waarde verloren. Investeerders lijken opnieuw in obligaties te vluchten. Nouriel Roubini, die wereldbekendheid vergaarde toen hij de financiële crisis voorspelde, denkt dat die aandelen nog eens 20% lager zullen gaan.
Het lijkt er dus op dat de financiële markten met een W-vormige recessie beginnen rekening te houden. Ondanks positieve signalen van een gematigd herstel -zelfs in landen als Spanje en Portugal- publiceerde de VS gisteren slechter dan verwachte cijfers voor een aantal belangrijke indicatoren. Ook in het VK en Duitsland waren de kleinhandelsverkopen teleurstellend.
Hoewel de beurzen vaak overreageren op financiële cijfers, zijn ze de werkelijkheid ook vaak voor en zijn er nu twee redenen om een double-dip-scenario serieus te nemen.
De eerste is dat ondanks de quasi-nul-intrestvoeten de meeste rijke landen slechts matige herstelcijfers kunnen voorleggen. Wat gebeurt er wanneer straks die intresten lichtjes zullen stijgen?
Het tweede probleem is een vicieuze cirkel. De onrust op de markten kan het vertrouwen in de economie aantasten, wat er onvermijdelijk toe zal leident dat consumenten opnieuw de vinger op de knip gaan houden. Vooral omdat de werkloosheid in de VS en Europa ongemeen hoog blijft (en de vastgoedmarkt in de VS op streven na dood is).
Omdat de consumenteuitgaven in 's werelds grootste economieën meer dan de helft van het bbp uitmaken, mogen investeerders terecht vrezen dat de tweede helft van 2010 met een letter W zal worden geschreven.