De beurzen in New York hebben de week vrijdag afgesloten met een kleine winst na een tamme handelsdag. De beleggers kregen, zoals ook al eerder in de week, vrijdag tegenstrijdige signalen: enkele goede bedrijfscijfers, maar een afnemend consumentenvertrouwen.
De Dow-Jonesindex van dertig belangrijke fondsen sloot op 10.607,85 punten, een winst van 0,1 procent. Ook de breed samengestelde
S&P 500-index sloot 0,1 procent hoger en noteerde 1125,59 punten. De
Nasdaq steeg 0,5 procent tot 2315,61 punten.
Schermenbeurs
De schermenbeurs profiteerde van beter dan verwachte resultaten van technologieconcerns
Oracle en Research in Motion die donderdag nabeurs werden bekendgemaakt. De koersen stegen respectievelijk met ruim 8 en een kleine 2 procent.
Alle drie de graadmeters openden vrijdag in de plus. Maar het voorzichtige optimisme onder beleggers ebde weg nadat volgens de index van de Universiteit van Michigan het consumentenvertrouwen in de VS was gedaald.
De index kwam uit op 66,6, terwijl analisten hadden gerekend op 70,0. In augustus stond de meter nog op 68,9.
Schuldenproblematiek
Ook hernieuwde zorgen over de schuldenproblematiek in Europa zetten de beurzen onder druk. Dat kwam door geruchten dat Ierland mogelijk steun nodig heeft van het Internationaal Monetair Fonds (IMF).
Net als eerder deze week was de handel vrijdag mat en hadden de beurzen moeite richting te bepalen. Gemeten over de hele week, boekten alle drie de graadmeters een lichte winst.
Vorige week vrijdag sloot de Dow op 10.462,77 punten, de
S&P op 1109,55 punten en de
Nasdaq op 2241,48 punten. De euro stond kort voor sluiting van
Wall Street op 1,3038 dollar. Aan het einde van de handelsdag in Europa was de munt 1,3050 dollar waard.
ANP