Candriam verwacht geleidelijke groei wereldeconomie

Na een sterk herstel in 2010 bleef de wereldwijde groei vertragen en werden de vooruitzichten neerwaarts bijgesteld. Hoewel al duidelijk was dat de wereldeconomie het groeiritme van voor de crisis niet meteen zou terugvinden, was de aanhoudende vertraging van de opkomende economieën toch verrassend: deze landen moeten hun groeimodellen aan de nieuwe wereldwijde financiële omgeving aanpassen en dat probleem werd zwaar onderschat. Sinds de crisis kunnen de ontwikkelde regio's immers de spaaroverschotten van China en olieproducerende landen niet meer zo sterk absorberen als in het verleden en kunnen ze het risico niet meer nemen om de opkomende landen - die traditioneel ontleners zijn - te financieren.

Anton Brender, CandriamAnton Brender, Candriam

We mogen de directe impact van de groeivertraging in de opkomende economieën op de ontwikkelde economieën niet overdrijven: de import van China, in het bijzonder, die bestemd is om aan de binnenlandse vraag te voldoen, is veel kleiner dan het lijkt. "Niettemin maken de problemen waarmee de opkomende landen kampen een aanzienlijke appreciatie van hun munt - op korte termijn althans - weinig waarschijnlijk: wie hoopt dat een daling van de dollar en de euro de groei van de ontwikkelde economieën zal steunen, is eraan voor de moeite," zegt Anton Brender, Chief Economist bij Candriam.

Verenigde Staten: herneming van de groei na de winter

In de Verenigde Staten is de activiteit in het eerste kwartaal plots gestagneerd, voornamelijk als gevolg van de extreme weersomstandigheden, maar ook door de snelle ophoping van de voorraden op het einde van vorig jaar. "Gezien de verbetering van de conjunctuurbarometers sinds de lente mogen we echter opnieuw een versnelling van de activiteit verwachten vanaf het tweede kwartaal," kondigt Anton Brender aan.

Ondanks de hogere rentevoet dan in het begin van vorige zomer en de nog steeds krappe kredietvoorwaarden voor hypotheekleningen - vooral voor de kopers van een eerste woning en personen met een bescheiden inkomen - zou de residentiële investering de activiteit moeten steunen. De recente toename van de industriële en commerciële leningen wijst eveneens op een lichte stijging van de productieve investeringen. De aanhoudende verbetering van de arbeidsmarkt tenslotte, zal de inkomsten van de gezinnen en hun bestedingen ondersteunen. Gemiddeld over het jaar zal de groei van het bbp in 2014 bijna 2,5 % bedragen en tot 3 % versnellen in 2015.

Ondanks de vrij snelle daling van de werkloosheidsgraad is volledige tewerkstelling nog veraf: de tewerkstelling haalt amper het niveau van 2007 en de tewerkstellingsgraad van de 25-54-jarigen blijft nog ver onder het niveau van voor de crisis. De loonsverhogingen zijn beperkt en de inflatie blijft onder de doelstelling van de centrale bank. Anton Brender voegt hieraan toe: "In deze context zou de Federal Reserve de 'normalisering' van haar monetair beleid moeten voortzetten, maar in elk geval zeer voorzichtig moeten blijven met het optrekken van de basisrente."

Eurozone: herstel zonder motor

In de eurozone trekt de groei langzaam aan. "De vertrouwensindicatoren zijn duidelijk hersteld en in de landen die het hardst door de crisis werden getroffen, halen ze bijna het gemiddelde van de eurozone," bevestigt Florence Pisani, economiste bij Candriam. De kredietvraag van de bedrijven wordt geleidelijk weer positief, maar de kredietvoorwaarden blijven restrictief, vooral voor de kmo's van de perifere landen. In de loop van de maanden zou de verbetering van de vraag die de bedrijven vaststellen, een licht herstel van de productieve investeringen mogelijk moeten maken. Ook de tewerkstelling zou moeten verbeteren, maar geleidelijk. Tegelijk blijft de hoge werkloosheid op de loonevolutie wegen: de consumptie van de gezinnen zal niet meer krimpen, maar ze zal weinig dynamisch blijven.

Het begrotingsbeleid tot slot, zal globaal minder ongunstig zijn voor de groei: de gemiddelde verwachte beperking (Duitsland niet meegerekend) bedraagt 0,5 punt van het bbp in 2014 en 2015, tegenover 0,8 punt in 2013. Na twee jaar van recessie zou de eurozone dus opnieuw aanknopen bij groei: gemiddeld over het jaar zou het bbp met iets meer dan 1 % stijgen in 2014 en met 1,5 % in 2015.

Florence Pisani, CandriamFlorence Pisani, Candriam

"Bij gebrek aan een dynamische binnenlandse vraag blijft dit herstel kwetsbaar: hoewel het deflatierisico wordt overdreven, is het risico van een gevaarlijk zwakke nominale groei beslist niet denkbeeldig," legt Florence Pisani uit. De ECB weet dit, maar blijft hopen dat haar verklaringen - lage rente voor een "langere periode", een mogelijke kwantitatieve versoepeling… – eventueel gecombineerd met bescheiden ingrepen (verlaging van de herfinancieringsrente, negatieve depositorente) - zullen volstaan om dit risico af te wenden. Ze zou ook, als dat nodig is, een quantitative easing "op zijn Europees" kunnen invoeren. Rekening houdend met de structuur van het financiële systeem, zullen de directe effecten ervan hoogstwaarschijnlijk relatief beperkt blijven; de indirecte effecten kunnen uiteraard sterker zijn als ze bijdragen aan het herstel van het vertrouwen en de daling van de euro.

Omdat de instrumenten waarover ze beschikt nog beperkt zijn, zal het beleid van de ECB veeleer resultaat hebben door de perceptie van de marktspelers dan door zijn mechanische effecten zo stellen de analisten.