Terugkijkende op het voorbije beursjaar dan zien we dat er praktisch geen variabelen waren die een goede indicator waren voor de beurskoersen. Normaliter zien we dat de CAPE (Cyclical Adjusted Price Earnings), oftewel de Shiller PE, een vrij goede voorspeller van aandelenrendementen kon zijn maar in het afgelopen jaar had u er weinig aan. Dit in tegenstelling tot 2013 waar de CAPE een goede voorspeller bleek te zijn.
De CAPE is de beurskoers gedeeld door het gemiddelde van de winst per aandeel over de afgelopen 10 jaar. Op deze manier is er wat minder invloed van éénmalige baten en lasten. Wanneer u op 1-jaarsbasis zou kijken naar de relatie tussen de koers/winst-verhouding en het 1-jaarsrendement dan ziet u waarschijnlijk amper tot geen relaties. Wanneer u echter naar de CAPE’s kijkt ziet u doorgaans voor veel markten wel een negatieve relatie.
Hiermee bedoelen we dat de aandelen met de lagere CAPE’s doorgaans vaak hogere rendementen krijgen en omgekeerd ook: aandelen met hoge waarderingen qua CAPE’s verliezen op termijn. Dit is echter geen wet van meden en perzen maar sec een afleiding van historische relaties van de gemiddelde relaties.
De bovenstaande puntenwolk toont de licht negatieve relatie tussen de rendementen van de aandelen van de S&P 500 versus hun CAPE’s.
![]() CAPE 2014, Mebane Faber |
Gisteren publiceerde de bekende Amerikaanse belegger Mebane Faber de resultaten van de CAPE over 2014. De lijst is oplopend qua rendement over 2014 gesorteerd. We zien dus dat Denemarken, Amerika en Indonesië over 2014 de beste landen waren om te beleggen.
Op basis van de CAPE hadden we echter meer positieve cijfers in het groene gedeelte moeten zien en meer negatieve cijfers onderaan: immers hoe lager de CAPE hoe hoger het rendement volgens deze vuistregel zou moeten zijn.
Faber constateert dat de markten die al duur waren (onderaan) juist duurder werden en dat de markten die goedkoop waren (zoals Griekenland en Rusland) juist nog goedkoper werden.
De mediaan van het wereldwijde aandelenrendement lag op een verlies van 1,33 procent. Het kwart van de landen dat begin 2014 de laagste CAPE’s had verloor gemiddeld 12,88 procent. Het mandje met de hoogste CAPE’s won gemiddeld 1,36 procent.