De acceptatienormen voor aflossingsvrije hypotheken worden al een paar jaar aangescherpt. Eerder konden huiseigenaren tot 50% van hun woningwaarde aflossingsvrij financieren. Bij grote banken als Rabobank, ABN AMRO , Obvion, ING en ASN Bank is dit nu maximaal 30%. Daarmee willen geldverstrekkers risico's beperken voor huiseigenaren. Maar hypotheekexpert Wesley van den Ham van Hypotheek.nl waarschuwt voor het weggooien van het kind met het badwater. “Een aflossingsvrije hypotheek is geen ‘gevaarlijk product’; het vraagt alleen om maatwerk.”
Ondanks de aangescherpte eisen ziet Van den Ham nog steeds veel potentie in deze hypotheekvorm. “De aflossingsvrije hypotheek wordt door de maatregelen al snel in het verdomhoekje geplaatst, maar het is geen slecht product”, stelt Van den Ham. “Een aflossingsvrije hypotheek kan prima zijn als iemand deze op basis van maatwerkadvies afsluit of behoudt. Dit type hypotheek is inderdaad geen standaardoplossing voor iedereen, maar er zijn genoeg situaties waarin een aflossingsvrije hypotheek wel meerwaarde biedt.”
Als voorbeeld noemt Van den Ham gepensioneerden met een flinke overwaarde. “Door de aflossingsvrije hypotheek blijven hun maandlasten de komende jaren (deels) stabiel totdat zij overlijden of de woning verkopen. Waarom zouden we die groep verplichten om maandelijks af te lossen? Het risico dat zij de hypotheek niet kunnen terugbetalen, is minimaal door hun grote overwaarde. De lage maandlasten bij een aflossingsvrije hypotheek bieden hen bovendien extra kansen om te genieten van hun oude dag.”
Banken en instanties zijn minder happig op de aflossingsvrije hypotheek. Toezichthouders zoals De Nederlandsche Bank (DNB), de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en de Europese centrale bank (ECB) dringen er al langer op aan om aflossingsvrije hypotheekschulden beperkt te houden.
Tegelijkertijd is nog altijd bijna de helft van de totale hypotheekschuld in Nederland aflossingsvrij. DNB en de AFM maken zich met Name zorgen over de grote golf aflossingsvrije hypotheken die tussen 2035 en 2040 afloopt. Als huiseigenaren tegen die tijd met pensioen gaan, kan de combinatie van een lager pensioeninkomen, het wegvallen van de hypotheekrenteaftrek en eventueel gestegen rentes leiden tot betalingsproblemen.
Grote banken als Rabobank en ABN AMRO hebben onlangs ingesteld dat mensen nog maar tot 30% in plaats van 50% van hun woningwaarde aflossingsvrij mogen lenen. Daarnaast trekt ING de grens voor woningen boven een miljoen euro bij € 250.000,- aflossingsvrij.
Van den Ham verwacht niet dat alle andere banken dit voorbeeld volgen. “Ik voorspel dat andere geldverstrekkers hun ruime acceptatienormen willen behouden als concurrentievoordeel”, zegt hij. “Zij komen pas in beweging als de toezichthouder hen daartoe dwingt of als de publieke opinie kantelt. Dat geeft consumenten voorlopig nog ruimte om een (deels) aflossingsvrije hypotheek af te sluiten. Wel maken de keuzes van sommige geldverstrekkers het extra belangrijk om bij het afsluiten van een hypotheek verder te kijken dan de rentes. Ook het aflossingsvrije aanbod verdient aandacht bij de keuze voor een hypotheekaanbieder.”
Aan huiseigenaren met een (aflopende) aflossingsvrije hypotheek raadt Van den Ham aan om nu al actie te ondernemen. “Wacht niet tot 2035 of totdat de geldverstrekker het beleid verder aanscherpt. Het is belangrijk om regelmatig te kijken of de hypotheek over bijvoorbeeld tien jaar nog steeds past.” Ook voor mensen die een nieuwe hypotheek willen afsluiten, kan een aflossingsvrije hypotheek volgens Van den Ham nog steeds interessant zijn. “Dat hangt af van iemands specifieke situatie. Maatwerkadvies is dus belangrijk, zeker bij deze hypotheekvorm.”