Minder uitgiftes schuldpapier

In het vierde kwartaal van 2013 daalden de uitgiftes door Nederlandse ingezetenen van zowel – kortlopend geldmarktpapier als – langlopende - obligaties (in totaal met EUR 47 miljard, -26% k-o-k) tot EUR 127 miljard. Het uitstaande bedrag van het kort- en langlopend schuldpapier nam met 1,3% kwartaal-op-kwartaal (k-o-k) af tot EUR 1.723 miljard (bijna drie maal BBP ).

Daling uitgiftes geldmarktpapier

In het vierde kwartaal van 2013 bedroegen de bruto uitgiftes van het geldmarktpapier EUR 70 miljard; 37% minder dan in het voorgaande kwartaal. De terugloop van de emissies werd mede veroorzaakt door een relatief lagere herfinancieringsbehoefte. Zo waren de aflossingen van het geldmarktpapier EUR 98 miljard, 3% lager dan in het vorige kwartaal. Daarnaast bouwde de bancaire sector de omvang van het kortlopend schuldpapier verder af om de balans nader aan te passen. In het kader van nieuwe regelgeving verlengden banken de gemiddelde looptijd van het uitstaande schuldpapier in samenhang met hun balansreductie. Door de beperkte uitgiftes van geldmarktpapier door banken (EUR 22 miljard, zie figuur 1) daalde het uitstaande bedrag van dit papier met EUR 12 miljard tot EUR 76 miljard; het laagste niveau sinds medio 2010.

Ook de Nederlandse Staat gaf minder geldmarktpapier uit (EUR 28 miljard); 46% minder dan in het voorgaande kwartaal. De uitstaande waarde van het geldmarktpapier door de Nederlandse Staat daalde daardoor met EUR 13 miljard tot EUR 26 miljard; het laagste niveau sinds begin 2008 (en in overeenstemming met de doelstelling van het Agentschap van het Ministerie van Financiën van een niveau nabij de EUR 30 miljard). Met de afname bij banken en de overheid kromp de uitstaande waarde van het Nederlandse kortlopende schuldpapier tot EUR 122 miljard (-19% k-o-k); het laagste niveau sinds medio 2008.

Ook in het eurogebied daalde het uitstaande geldmarktpapier met EUR 123 miljard (-9% k-o-k) tot EUR 1.310 miljard; het laagste niveau sinds het derde kwartaal van 2007.

Uitgiftes obligaties licht gedaald

Uitgiftes geldmarktpapier  Nederlandse banken

In het vierde kwartaal van 2013 werd er voor EUR 57 miljard aan obligaties geplaatst, wat 9% minder was dan in het vorige kwartaal. Tegenover deze geringere emissies stonden ook 34% lagere aflossingen (EUR 54 miljard). Daardoor bleef de omvang van de uitstaande obligaties in het vierde kwartaal van 2013 nagenoeg ongewijzigd (EUR 1.602 miljard).

In het vierde kwartaal van 2013 gaven banken weliswaar 31% meer obligaties uit (EUR 20 miljard) ten opzichte van het voorgaande kwartaal, maar deze bruto-emissies lagen nog onder het driejaarlijkse gemiddelde (EUR 22 miljard, zie figuur 2). Het uitstaande volume aan bancaire obligaties daalde met EUR 1 miljard tot EUR 413 miljard, waarmee de afbouw van langlopend schuldpapier sinds de piek van medio 2011 (EUR 454 miljard) blijft doorzetten. De uitgiftes van nieuwe securitisaties door Special Purpose Vehicles (SPVs) waren beperkt (EUR 4 miljard). Ook de Nederlandse Staat plaatste weinig obligaties (EUR 7 miljard). Wel waren er opnieuw grote emissies van bedrijfsobligaties door Nederlandse niet-financiële bedrijven en Bijzondere Financiële Instellingen (BFI’s).

In lijn met de ontwikkelingen in Nederland namen in het eurogebied de uitgiftes en aflossingen van obligaties af en bleef de uitstaande waarde van obligaties in 2013 ongeveer gelijk (EUR 15.147 miljard).

Uitgiftes langlopende obligaties

Uitgiftes langlopende obligaties

Bron: DNB